Kroakemandels

“Wie redt de kaviaar van de Gentse werkmens?”

Bron artikel: https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2018/07/19/wie-redt-de-kaviaar-van-de-gentse-werkmens/

Als je honger krijgt tijdens de Gentse Feesten kan je nu op zo goed als elke hoek van de straat terecht voor een snelle hap. Dat was vroeger helemaal anders. Toen de feesten nog veel kleiner en volkser waren was er maar één favoriete feestsnack: de ‘kroakemandel’. De gefrituurde erwten werden ook wel de kaviaar van het volk genoemd. De snack is volledig in de vergetelheid geraakt. Familie van de laatste verkoopster doet nu een oproep om de ‘kroakemandel’ te herlanceren.

Josephine Baeyens stierf vorig jaar en was één van de laatste ‘kroakemandelwijvekes’. Ze verkocht jarenlang ‘kroakemandels’ tijdens de Gentse Feesten en leurde ook doorheen het jaar van café naar café. ‘Kroakemandels’ zijn eigenlijk gefrituurde en gezouten Engelse erwten. De ‘kroakemandelwijvekes’ maakten de snack thuis en gingen ze dan verkopen.

Josephine Baeyens

Familietraditie

Baeyens was één van de laatste verkoopsters van haar generatie. Ze begon er mee in navolging van haar moeder en grootmoeder. De snack was al populair voor de eerste wereldoorlog, vertelt zoon Rudy Coussens. “Het is zeker van voor die oorlog. Mijn moeder is maar een jaar dood en is bijna 93 geworden en haar grootmoeder verkocht al ‘kroakemandels’. Je moet maar eens uitrekenen. Naar het schijnt waren ze van plan om met ‘kroakemandels’ te bombarderen maar hebben ze het niet gedaan.”, lacht Rudy? Nu verkoopt bijna niemand de typische Gentse snack nog. Je vindt ze in nog een handvol volkscafés. Tijd om daar verandering in te brengen, vinden de nabestaanden van Baeyens. Ze delen het recept nu met de rest van de wereld en hopen dat iemand ermee aan de slag gaat. Zoon Rudy en dochter Linda Coussens noemen het Gents erfgoed. Zelf zien ze het niet zitten om ‘kroakemandels’ te gaan maken en verkopen. 

Baeyens

Kaviaar voor het volk

De ‘kroakemandel’ kreeg al snel de geuzennaam ‘kaviaar voor het volk’ omdat de snack goedkoop en lekker was. Ook gewone werkmensen konden het zich permitteren en heel wat cafés sloegen ‘kroakemandels’ in. “Heel wat cafébazen zagen mijn moeder graag komen. Doordat de ‘kroakemandel’ gezouten is, dronken cafégangers natuurlijk ook meer. Ik herinner me dat mijn moeder soms thuis kwam na haar ronde en vertelde dat al haar zout op was. Dat was niet haar eigen schuld. Soms vroegen cafébazen haar om de ‘kroakemandels’ nog wat extra te zouten om het verbruik nog wat op te drijven.”, lacht zoon Rudy. “Het was wel hard werk. Je moet rekenen dat ze die ‘kroakemandels’ samen met andere koopwaar (zoals lookworsten en lever) in een rieten mand rond bracht. Dat woog echt kilo’s. Meestal ging ze alleen op ronde maar soms ging mijn vader of ik mee. Dan zetten we de mand op een fiets en reden we rond.”, getuigt Rudy nog. 

Een monument tijdens de stoet

Jarenlang liep Josephine Baeyens mee voorop in de openingsstoet van de Gentse Feesten. Het was een marketingstunt avant la lettre. “Mijn moeder deelde dan ‘kroakemandels’ uit, gratis en voor niets. Zo konden mensen het proeven en er warm voor gemaakt worden. Tijdens de Feesten liep ze dan overal rond om ze te verkopen. De mensen kenden haar vanuit de stoet. Het was een drukke periode want ze moest zelfs hulp inroepen om op tijd bevoorraad te worden. Ze zag er ook erg opvallend uit. Ze had kleding laten maken gebaseerd op wat haar eigen grootmoeder droeg.” 

Baeyens op de feesten

“Ook heel wat bekende mensen hielden trouwens enorm van ‘kroakemandels’, onder meer Walter De Buck en Gaston en Leo waren grote fans. 

Gaston en Leo